VVVeren - Geschiedenis Vlaamse Veren
In de Romeinse tijd bestonden in onze streken reeds veren op plaatsen waar de heirwegen rivieren kruisten. Dit gebeurde doorgaans op doorwaadbare plaatsen, maar oeverbewoners hielden een bootje gereed voor het geval het waterpeil te hoog stond. De eerste veermannen begonnen zo heen en weer te varen. In de 12 e eeuw werd het overzetten vaak door vissers verzekerd. De oudste vermelding van een veer dat nu nog bestaat dateert uit 1255. Dit document gaat over de overdracht van het Konkelveer tussen Schoonaarde en Berlare. Het Konkelveer verdween voor de 1ste Wereldoorlog. Dit document vermeldt ook Appels-Berlare over de Schelde. Dit is dus het oudste bestaande veer dat in de schriftelijke geschiedenis beschreven is.
Veerpacht was belangrijk want bracht geld in het laatje van adelijke oeverbezitters of van abdijen.
Tijdens de Franse overheersing kwam in 1798 een wet tot stand waardoor alle veerrechten aan de staat toekwamen. De verpachting van veerdiensten werd eenvorming gereglementeerd.
Tot op heden worden de meeste veren uitgebaat door de Administratie Waterwegen en Zeekanaal N.V.. De Vlaamse Gemeenschap legt zelf boten in of sluit na aanbesteding contracten met zelfstandige veermannen. Sinds 1976 is het innen van veergelden vervallen, behalve op een paar privaat uitgebate veren.
De overzet biedt nog steeds gelegenheid aan voetgangers en fietsers om zich te verplaatsen weg van de autodrukte en daarbij worden vaak omwegen uitgespaard.




